Blog


Spelen….en tellen…

Eindelijk, het was lang geleden, maar eindelijk weer eens lekker met een orkest gerepeteerd. Gisteravond was het de eerste repetitie voor mij met het orkest Brabant Sinfonia, een regionaal symfonie orkest. Een repetitie met de voor hen nieuwe dirigent Joost Smeets. Voor hen nieuw….maar niet voor mij. Joost is namelijk een collega tubaist van mijn generatie uit Thorn. En ja, die kennen elkaar natuurlijk. Bovendien woont Joost in dat prachtige witte dorp op een steenworp afstand van mijn studie vriend Erik. En hij was niet de enige bekende in het orkest. Ik kwam daar nog wel een paar andere oud studiegenoten tegen van het Brabants Conservatorium, zoals Ruud op trompet en Bart op hoorn, Liselot op fagot en Anne-marie op viool. En ook nog oud collega’s van het Factorium, zoals Taetske en Frits, op viool en op trompet en allang met pensioen, maar nog lang niet uitgespeeld.

En het mooie van tuba spelen in een symfonieorkest is dat je genoeg tijd hebt om te genieten van wat er klinkt. Je bent namelijk vaak meer aan het tellen van de maten rust, dan dat je daadwerkelijk speelt. En op een repetitie al helemaal natuurlijk, want als je dan eindelijk die 56 maten rust hebt geteld, slaat de dirigent af om nog wat passages met de violen en het hout nader onder de loep te nemen. In dat opzicht moet ik altijd terug denken aan die keer op het conservatorium dat ik de Vuurvogel van Stravinsky mocht spelen op mijn tuba met het orkest. Dat begon met de woorden TACET tot maat weet ik hoeveel. Met potlood stond erbij geschreven: ongeveer 27 minuten rust. Tsja, dat is het lot van de tubaist in de symfonische wereld. Zo ook dus gisteravond, maar tsjonge, wat heb ik ervan genoten !! Kom ook genieten op 10 juli in de Concertzaal in Tilburg. En voor wie niet kan? Check de opname Dvorak’s 6e symfonie in het bijgevoegde filmpje.

Te gast bij…

Een Kunstcafe en een lokale radio show. Leuk om jezelf weer eens aan het Tilburgse publiek te presenteren. Als eerste was ik te gast bij het KunstCafe in brasserie De Harmonie in de Stationsstraat. Ik mocht daar afgelopen zondag van alles vertellen over mijn instrument de Bastuba. Organisator Rob van Berkel vroeg mij het hemd van het lijf over de geschiedenis van het instrument en de rol van de tuba in diverse stijlen en ensembles. Ook het publiek liet zich niet onberoerd en wilde van alles weten. Van de hoogste tot de laagste toon en hoe lang zo’n metalen buis dan eigenlijk wel niet was. Als geluidsfragment had ik gekozen voor een opname van de CD Freedom van het Brabants JazzOrkest en Paul van Kemenade en wel het nummer Call in een arrangement van Niko Langenhuijsen.

De tweede plek waar ik te gast ben is het radioprogramma Radio voor Elkaar van Omroep Tilburg en Pieter Bon. In dat programma zal ik het onder andere hebben over het nieuwe Cultuur Herstelplan van staatssecretaris Gunay Uslu. Verder zijn er een 6-tal door mij gekozen tracks te horen. Een lastige opgave qua keuze, want door mijn nogal brede muziekvoorkeur, valt het niet mee om te beslissen wat uiteindelijk in de Tilburgse ether te horen zal zijn. Ik kan al wel verklappen dat ik voor muziek heb gekozen waar ik zelf vooral graag naar luister, en bewust niet voor tracks waarop ik zelf te horen ben. Dat komt nog wel een andere keer. Bijvoorbeeld samen met de persoon die ik in de uitzending ga bellen. Dat is iemand met wie ik de afgelopen maanden nauw heb samengewerkt en van wie binnenkort het eerste nummer te beluisteren zal zijn. Ikzelf speel mee op zowel tuba als trombone en was ook verantwoordelijk voor het blazers arrangement. Wie dat is? Tsja, dan moet je vanmiddag tussen 17.00 en 18.00 dus luisteren naar Radio voor Elkaar op Omroep Tilburg. In de videoclip bij deze blog alvast een voorproefje van mijn muziekkeuze.

 

Geduld…

Geduld is een schone zaak. Hmm, altijd leuk,die oud holandsche spreekwoorden. Maar soms wordt zo’n spreekwoordelijke deugd wel erg op de proef gesteld. En ik merk dat het ook wat met me doet. Tot voor kort ging ik altijd met plezier naar voorstellingen kijken van collega’s uit het mooie muziektheater wereldje. In de eerste plaats natuurlijk om te kijken wat al dat repeteren en werken had opgeleverd en wat mijn collega muzikanten, regisseurs, muzikaal leiders en vocaal coaches er weer van gemaakt hadden. Om daarna onder het genot van een drankje heerlijk na te kletsen over wat je gezien had en over wat je nog ging zien en maken natuurlijk. 

Maar nu mijn eigen producties zo ver zijn uitgesteld, merk ik dat het wel heel pijnlijk wordt om naar het theater te gaan. Bij een gewone voorstelling of concert gaat het nog wel. Zo heb ik toch wel genoten van de Analogues in het Chassetheater in Breda samen met mijn vrouw Herma. Met dank aan neef Luc die kaartjes had, maar om gezondheidsredenen niet kon gaan en aan mij vroeg of ik interesse had. Maar zodra het om muziektheater gaat, kruipt er een twijfel in mijn hart en voel ik letterlijk pijn. Ik mis het zo verschrikkelijk om weer zelf er mee bezig te zijn, dat ik me er niet toe kan zetten om naar anderen te gaan kijken. Het doet me letterlijk te veel zeer. Ik zou er oneindig veel voor geven om op korte termijn weer live de muziek te horen die ik geschreven heb op de teksten van Michelle voor Hier adem ik vrij en van Ton voor Muziektheater Cuypers. Die laatste begint langzaamaan weer op te bouwen en er ligt een vraag om een compilatie te maken die ingezet kan worden voor de PR. Het begin is er, maar ik zal nog veel geduld moeten hebben.

 

Keuzestress…

Aangezien het op het overige artistieke front een beetje stil is, blijf ik als onderwerp van mijn blogs maar een beetje hangen bij mijn nieuwe club in Den Bosch. De reden? Op het gebied van populaire muziek ben ik met iets bezig in een nieuwe band en muziekstijl, maar ik zal toch echt moeten wachten tot de leading man van dat onderwerp zelf als eerste naar buiten komt. First things first uiteraard. En dan een ander groot werkgebied van mij: de musical. Ook hier geldt: van dat front nichts neues. De grote producties zijn allemaal uitgesteld en aangezien iedereen zijn producties heeft opgeschoven, is het wachten tot je weer in het theater terecht kunt. Gelukkig is de eerste borrel van een van de producties al wel weer aangekondigd. Dan is er nog iets met achtergrondmuziek en straattheater, maar dat zal pas deze zomer duidelijk worden. Dussss…..

Houd ik me nu vooral bezig met nadenken over repertoire en projecten die ik op korte termijn en in de toekomst kan gaan doen met de Koninklijke in Den Bosch. En ik kan gelukkig zeggen dat dat geen straf is. Er is inmiddels een overleg groepje over het programma en over stukken, en daar komen hele leuke ideeen naar voren. Een van de richtingen is de popmuziek van de afgelopen 10 jaar. Een voorproefje was al te horen in mijn blog van vorige week. Maar daarnaast kwamen ineens een aantal titels bovendrijven die een onvervalst sentiment opriepen. Namelijk TV en filmmuziek van toch wel een aantal jaartjes geleden. Daarom in deze blog niet de gebruikelijke foto en een filmpje, maar twee filmpjes. Eentje van een serie waar je vroeger voor thuis bleef en een fragment van een mars uit een beroemde oorlogsfilm. En dat zijn slechts twee voorbeelden. Aan mij de keus uit al dat moois om een mooi programma te gaan samenstellen.

Nieuwe stijl…

Techno voor Harmonie orkest. Ok, ok, da’s natuurlijk geen nieuwe muziekstijl. Maar toch…. om nu te zeggen dat ik al heel veel techno muziek voor Harmonie orkest heb gehoord? Nee ! Dus mag je toch wel spreken van een nieuwe stijl. Niet in de laatste plaats omdat het veel omdenken vraagt. Muzikanten in een harmonie orkest zijn niet gewend om vele maten lang eenzelfde motief te spelen, laat staan een heel muziekstuk. Daar moet je dus iets mee. Een laptop met samples hoor je niet klagen als een pompende bas zo’n 6 minuten doorgaat, maar of je bastuba sectie in het orkest hier op zit te wachten, is nog maar de vraag. Weliswaar kun je je mensen nog warm krijgen om het op een optreden te spelen, maar hoe pak je het op een repetitie aan zonder verveling of teleurstelling??

Veel dus om over na te denken. Maar tegelijkertijd ook weer een hele leuke uitdaging. Zowel om het te schrijven als om het in te gaan studeren. En dan moet ik zeggen dat het geen nadeel is dat ik jarenlang voor de klas heb gestaan in het voortgezet onderwijs. Als je 3 VMBO warm kunt krijgen om een compleet muziekstuk op een keyboard te spelen, dan moet dit bij een orkest waar mensen graag in spelen toch ook lukken. Inmiddels ligt er dan ook een compleet stappenplan klaar om het nummer Slip van DJ Deadmau5 met mijn orkest in te studeren. Dus nog niet meteen het hele nummer, maar eerst de nodige bouwstenen. Waar het dan uiteindelijk naar toe moet, is te beluisteren in de versie van het Duitse straatorkest Meute, hiernaast te bewonderen. Ik houd jullie op de hoogte van de vooruitgang.